Oorlog in vredestijd

15 januari 2015 | Commentaar – Terrorisme als bij Charlie Hebdo is iets seculiers dat bij een samenleving hoort. Er zijn altijd weer groepen die zich met geweld afzetten.

Opmerking: in de krantenversie van dit artikel in Dagblad de Limburger / Limburgs Dagblad – ‘Terrorisme is soort oorlog in vredestijd’ – is in de 4e kolom, laatste alinea abusievelijk het woord ‘niet’ weggelaten in de zin: ‘De oplossing is ook het isoleren van moslims.’ Dit is incorrect en had moeten zijn: ‘De oplossing zal dan ook niet gevonden worden in het isoleren van Moslims.’ Deze fout is gerectificeerd in de krant van 17 januari 2015.

En toen waren we allemaal Charlie. Wie? Charlie Hebdo. Pardon? Nou, twee Fransmannen hadden twaalf andere Fransen vermoord. En dat vinden wij zo erg dat het al dagen onderwerp van gesprek is. Dat vinden zij zo erg dat ze met miljoenen de straat opgingen en beweren ook Charlie te zijn. Dat collectief beleven is toch raar. En hypocriet. Wie geeft er nu iets om die geëxecuteerde journalisten? Niemand toch?

Het gaat om ons. Dit kan namelijk ook ons overkomen. Terrorisme is als een soort van oorlog in vredestijd. Het is te willekeurig en politiek gemotiveerd om het crimineel te noemen en door de kleinschaligheid ervan kan het ook geen oorlogshandeling worden genoemd. Dat wij destijds zo geschokt waren door de moord op Theo van Gogh, de aanslagen in Londen of nu in Parijs zegt iets over onze identificatie met de mensen daar.

Die verwantschap kent zijn grenzen. Terwijl in Frankrijk nog geen twintig man stierven, maakte Boko Haram in Nigeria honderden mensen af. Vorige week alleen al. In Syrië is men allang de tel kwijt en of er daar nu één meer of minder omkomt, ach, daar wonen blijkbaar geen mensen zoals u en ik. Het vervelende is natuurlijk als het terrorisme van daar wordt geïmporteerd.

Dan gaan we ons ook druk maken over de Islam. Journalisten zoeken naarstig naar tegengeluiden om zo ‘objectief’ te bewijzen dat niet alle moslims kwaadaardig zijn. Tegelijk gaan we dan de superioriteit van onze manier van leven benadrukken. Het ‘vrije woord’ is dan het hoogste goed en zal het kwaad toch zeker keer op keer overwinnen. Het is al ruim tien jaar dezelfde spastische reflex.

Onze wereld is nooit veilig geweest. De IRA hield huis in Noord-Ierland, de ETA in Spanje en de Rote Armee Fraktion in Duitsland. Terroristen vormen altijd een minderheid, zijn niet dusdanig georganiseerd dat ze een oorlog op grote schaal kunnen voeren. Ze hebben ideeën die sterk afwijken van de norm. Soms hebben die een religieuze achtergrond, vaak ook een etnische of politieke.

De discussie over het al dan niet inherent gewelddadig zijn van de Islam als religie is een zinloze. Mocht er breed gedragen consensus zijn dat die religie niet gewelddadig is, dan zijn er nog altijd verschillende interpretaties van, die verpakt als politieke ideologie nog steeds geweld aanmoedigen. En wanneer we concluderen dat de islamitische leer inderdaad tot geweld aanzet, wat kunnen ‘wij’ daar dan aan doen?

De oplossing zal dan ook niet gevonden worden in het isoleren van Moslims. ‘Ze’ en masse willen wegsturen is als de ogen dicht doen en het probleem niet meer willen zien. Vrije samenlevingen zijn open samenlevingen, die mensen van ver aantrekken. En ‘ze’ zijn overwegend ‘we’ geworden. Laten we ophouden dat onderscheid bij ieder incident te willen maken: ‘ze’ willen vast niet allemaal moorden.

Zie het terrorisme zelf als iets seculiers dat bij een samenleving hoort. Er is altijd wel weer een groep die zich gewelddadig tegen de norm afzet. Het is aan iedere samenleving, in iedere tijd, om radicale uitwassen te neutraliseren dan wel om met de norm op te schuiven in de richting van het nu nog extreme. Daarover gesproken: moeten onze pennen nu werkelijk altijd zo scherp schrijven en tekenen?

Dit artikel is verschenen bij Dagblad de Limburger / Limburgs Dagblad op 15 januari 2015.