Tegen terrorisme helpt geen oorlog

18 november 2015 | Commentaar – Terrorisme laat zich bestrijden met meer respect voor andere culturen, betere integratie van minderheden en een duidelijkere lijn in Europa.

Vele miljarden hebben westerse landen afgelopen jaren gestopt in oorlogen die feitelijk zijn verloren. De Taliban keert terug naar Afghanistan, Irak is verdeeld en destabiliseert Syrië en Libië is een chaos van waaruit bootvluchtelingen naar Europa reizen. Het is in zo’n barre omgeving dat het verhaal van kleine David en grote Goliath verwordt tot iets romantisch. Waar het een groep strijders inspireert om met schietpartijen en aanslagen een continent angst aan te jagen.

Het zou stom zijn om onszelf nu opnieuw in een oorlog te storten, waarbij we ons dan net als Goliath van alle kanten laten bekogelen. Het zou ook niet van intelligentie getuigen om een uiterst zwakke president als François Hollande in Frankrijk carte blanche te geven om te regeren als de grote leider die hij eigenlijk had willen zijn. Of om onze ‘visieloze’ premier te volgen in diens gratuite ‘met IS zijn we in oorlog’. Ons probleem vraagt beheersing. Een uitgedachte aanpak op meerdere fronten. Wanneer we dat goed doen én volharden, dan komt de oplossing vanzelf.

Globalisering

Zoals we ons in Nederland ook zorgen maken over het effect van globalisering op de eigen identiteit en onze leefomgeving, zo gaat dat ook in het Midden-Oosten, waar de rest van de wereld te pas en onpas binnenloopt. Amerikanen, Russen en Europeanen, ze bemoeien zich al decennia met de regio. De ene keer gaan we er naar toe om verlichting te brengen, de andere om handel te drijven. En aangezien onze belangen voortdurend weer anders zijn, is het niet gek dat we daar voor huichelaars worden aangezien.

De Islamitische Staat, Al-Qaida en andere gewapende strijders spelen handig in op die gevoelens van ontering van het eigene. Voor mensen die de links- of rechts-populistische partijen in Nederland of daarbuiten een warm hart toedragen, die moeten die gevoelens kennen. Alleen passen we hier (nog) niet het geweld toe dat bij aanslagen in Londen, Madrid en Parijs wel gebruikt is. En de vele doden die we al dan niet onvoorzien hebben veroorzaakt tijdens de ingrepen in het Midden-Oosten, die zien we niet en willen we ook niet zien.

Superioriteit

Wij vinden dat onze normen en waarden zonder twijfel boven die van anderen verheven zijn. Sterker nog, we zijn daar zo van overtuigd dat we anderen in meer of mindere mate dwingen daarin met ons mee te gaan. Als we de voedingsbodem onder het op de islam geënte terrorisme willen wegslaan, dan zouden we beter leren andere culturen niet te beschouwen als nog onvolmaakt, maar als compleet met eigenaardigheden. Dat is zoals ze het in Rusland, Turkije, China, Iran en de rest van de niet-westerse wereld in ieder geval zien.

Dat inzicht dringt zich de laatste jaren sowieso steeds meer op, aangezien voorgenoemde landen aan kracht lijken te winnen, terwijl we in het westen steeds meer het gevoel hebben in de verdrukking te raken. En feitelijk is dat ook zo: Europa krijgt het vluchtelingenprobleem immers niet zelf opgelost, maar gaat daarvoor naar de steeds autoritairder wordende president Erdogan van Turkije. President Poetin van Rusland werd een jaar geleden nog verguisd en is straks de belangrijkste gesprekspartner om de toestroom uit Syrië te stoppen.

Europese problemen

Dat zijn echter alleen nog maar de problemen aan de bron. Landen in Europa zijn sowieso al vatbaar voor terrorisme. Zo zijn er de grote groepen Afrikaanse of Arabische minderheden die in sommige landen ergens in een donkere hoek leven. Voor de meest ontheemden lonkt er via het internet in het buitenland een gemeenschap die boodschappen van vervulling verspreid. We kunnen die zender aan de ene kant wel wegbombarderen, maar daarmee hebben we het probleem aan de kant van de ontvanger niet opgelost. Integratie kost moeite, tijd en geld.

Bovendien ligt tussen die ontvanger en zender een disfunctioneel continent dat zo snel is samengegroeid dat het aan instabiliteit ten onder dreigt te gaan. De eurocrisis moedigde de noorderlingen aan om de zuiderlingen hun manier van denken op te dringen en de vluchtelingencrisis is de terugbetaling. De meningen zijn zo sterk verdeeld dat Europa niet meer in staat is te kiezen voor het Europese óf het nationale, waardoor het samenwerken op het gebied van opsporing, inlichtingen en grensbewaking tussen wal en schip geraakt.

Als we al in oorlog zijn, dan vooral met onszelf. Militair ingrijpen haalt niet meer dan de scherpe kantjes van het probleem. De voedingsbodem voor het geweld blijft gewoon bestaan. Ideologie kun je ook niet bombarderen. De echte oplossing is traag, vraagt veel en ligt dichter bij huis dan we willen. Hier zou het na ‘Parijs’ om moeten gaan. Niet de vergelding waar IS op hoopt.

Dit artikel is verschenen bij Dagblad de Limburger / Limburgs Dagblad op 24 november 2015.